Woonbonus

De woonbonus is een systeem van hypotheekrenteaftrek dat in 2005 in België is ingevoerd. Met de bonus kunnen de kapitaalaflossingen, de betaalde interesten en de schuldsaldoverzekering tot een bedrag van 2280 euro[1] (2017) van het belastbaar inkomen worden afgetrokken. Daarbovenop komt maximaal de eerste 10 jaar een extra aftrek van € 760. Gezinnen met drie of meer kinderen krijgen daarbovenop nog € 80. De bonus is onafhankelijk van de waarde van het huis.

Het bedrag van de bonus wordt afgetrokken van het netto belastbaar inkomen, wat resulteert in lagere personenbelasting. Het financiële voordeel is afhankelijk van de hoogste belastingschijf waaraan men individueel onderworpen is. Afhankelijk van het netto belastbaar inkomen bedraagt het voordeel tot 50% hiervan (de hoogste belastingschijf, totaal voordeel € 1140). Vanaf 1 januari 2015 geldt een vast tarief van 40 procent.[1]

Voorwaarden

Toepassing van de woonbonus is enkel mogelijk voor de enige en eigen woning. Daarnaast moet het krediet aangegaan door een normale hypothecaire lening een looptijd hebben van minimum 10 jaar, en afgesloten zijn bij een financiële instelling met zetel in de Europese Economische Ruimte.

Kritiek

Er is kritiek op de woonbonus omdat deze de prijs van woningen zou opdrijven totdat de hogere prijs (en hogere aflossingen) de extra woonbonus compenseren.[2][3]

"Mensen slagen er (met de woonbonus) niet in om huizen aan te kopen die kwalitatiever of groter zijn. Het is een soort zero sum game. Wat mensen winnen, spenderen ze aan hetzelfde huis, maar ze betalen er een hogere prijs voor."
— Koen Inghelbrecht, UGent

Daarnaast wordt het omgekeerd herverdelend karakter van de woonbonus vaak als sociaal onrechtvaardig aanzien. Personen of gezinnen die niet in staat zijn een eigen woning aan te schaffen kunnen geen gebruik maken van dit voordeel, waardoor het nog moeilijker wordt om over te stappen van een huurwoning naar een koopwoning. Bijgevolg is de vierde pensioenpijler ook niet van toepassing voor hen, wat het omgekeerd herverdelende karakter nogmaals versterkt.

Vanaf 1 juli 2014 zijn de gewesten verantwoordelijk voor de woonbonus. De gewesten zouden onvoldoende budgettaire ruimte hebben om dit systeem te behouden.[2] Er zijn daarom plannen voor een vernieuwde woonfiscaliteit, bijvoorbeeld door lagere registratierechten, een btw-verlaging op nieuwbouw, of meer steun voor de private huurmarkt.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b Belastingvermindering voor de enige en eigen woning (woonbonus), vlaanderen.be, 21 september 2017
  2. a b Drie alternatieven voor de woonbonus, knack.be
  3. De woonbonus is goed voor verkopers en banken, apache.be, 19 september 2017
Hypotheekrenteaftrek

Hypotheekrenteaftrek is een aftrekpost voor de bezitters van een eigen huis die hypotheekrente betalen.

Hypotheekrenteaftrek (Nederland)

Hypotheekrenteaftrek (Zweden)

Woonbonus (België)

Hypotheekrenteaftrek (Nederland)

Hypotheekrenteaftrek is een aftrekpost voor de bezitters van een eigen woning, die ter financiering van die woning een lening hebben afgesloten, waarop ze rente betalen.

Het is een regeling in de Nederlandse Wet inkomstenbelasting 2001 waarmee de rente (en kosten) van een schuld aangegaan voor aankoop van de eigen woning (meestal een hypothecaire lening) kan worden afgetrokken van het inkomen in box 1, voordat over dit inkomen belasting wordt betaald. De (hypotheek)rente wordt dus aan de schuldeiser betaald, terwijl de belasting die de schuldenaar over diens gehele inkomen moet betalen dankzij de regeling van de hypotheekrenteaftrek minder hoog is.

De Wet herziening fiscale behandeling eigen woning bepaalt dat voor nieuwe hypotheken de betaalde rente alleen aftrekbaar is als het een lening betreft die gedurende de looptijd volledig en ten minste annuïtair wordt afgelost. Dit is met name het geval bij de lineaire hypotheek en de annuïteitenhypotheek.

Men kan wel binnen grenzen per saldo langzamer en/of onvolledig aflossen door een deel van de maandlasten ook weer te lenen, maar dan zonder extra hypotheekrenteaftrek.

Regeringsformaties België 2019

De regeringsformaties in België van 2019 hebben aanvatting genomen op maandag 27 mei 2019, de dag na de regionale, federale en Europese verkiezingen op zondag 26 mei 2019. Het is de tweede maal dat er regeringsonderhandelingen plaatsvinden tijdens het koningschap van Filip van België.

Hierbij zullen in België zes regeringen worden gevormd, met name de opvolger van de federale regering-Michel II, die sinds 21 december 2018 een regering in lopende zaken is, alsook de opvolgers van de Vlaamse regering-Bourgeois, de Waalse regering-Borsus, de Franse Gemeenschapsregering Demotte III, de Brusselse Hoofdstedelijke regering Vervoort II en de Regering van de Duitstalige Gemeenschap regering-Paasch I.

De Franstalige partij cdH, die een verkiezingsnederlaag leed, gaf op 5 juni 2019 aan om vanwege dit resultaat in geen enkele regering te willen stappen.

Vlaams Belang

Het Vlaams Belang (vaak afgekort als VB) is een Belgische politieke partij die eind 2004 ontstond uit het Vlaams Blok. Ze is Vlaams-nationalistisch en rechts-conservatief, en staat onder meer bekend voor haar streven naar een onafhankelijk Vlaanderen, de tegenstand met betrekking tot immigratie door personen die zich volgens de partij weigerachtig opstellen tegen integratie of assimilatie naar westerse normen, de verdediging van de traditionele normen en waarden, en het verzet tegen het oprukken in Europa van de politieke islam en het moslimfundamentalisme.

De partij heeft verkozenen in het Europees Parlement, de Kamer van volksvertegenwoordigers, de Senaat, het Vlaams Parlement, het Brussels Parlement, alle Vlaamse provincies en meer dan 150 steden, gemeenten en Antwerpse stadsdistricten.

In 2017 bedroeg het ledental van de partij 18.153 leden. Daarmee stond ze toen op de vijfde plaats in Vlaanderen wat het aantal partijleden betreft, meer bepaald na respectievelijk Open Vld, CD&V, sp.a en N-VA, maar vóór Groen.

This page is based on a Wikipedia article written by authors (here).
Text is available under the CC BY-SA 3.0 license; additional terms may apply.
Images, videos and audio are available under their respective licenses.