Verlossing

Verlossing betekent bevrijding uit een benarde positie of een gevangenschap, in de ruime zin van het woord. In het dagelijks taalgebruik en ook in verschillende religieuze systemen speelt het begrip een rol, hoewel het niet overal gelijk wordt ingevuld.

In de gewone betekenis van het woord kun je verlost worden van kiespijn, of van geldzorgen. Een land kan worden verlost van de dreiging van een oorlog. Je kunt je verlost voelen van druk nadat de examens achter de rug zijn; iemand kan het overlijden van een zieke dierbare als een verlossing voor de persoon in kwestie beschouwen, omdat het lijden zeer groot was. Verlossing is bevrijding van een juk, van iets dat te zwaar of bijna te zwaar is om te dragen.

Soms wordt ook de bevalling als verlossing aangeduid.

Spirituele verlossing

Verlossing in bepaalde religieuze of spirituele zin kan betekenen bevrijding van gebondenheid aan het materiële, het aardse (de 'lasten'); het kan daarbij bevrijding betekenen van 'lusten', de begeerte naar onmiddellijke bevrediging van gevoelde materiële of intellectuele behoeften. Verlossing betekent veelal het boven deze dingen verheven worden door zich consequent te richten op het niet-stoffelijke, welke inhoud daar ook aan gegeven wordt. Dit is een vorm van verlossing uit het beperkte zelf of "ik-bewustzijn" (zie ook: zelfverwerkelijking). Verschillende religies kennen meditatietechnieken en leefregimes die tot verwezenlijking daarvan zouden leiden. Voorbeelden hiervan zijn "overgave aan God" in het monotheïsme en de leer van sunyata (leegte) en anatta (niet-zelf) in het boeddhisme. Een centraal onderdeel van deze praktijk is dat de beoefenaar het idee loslaat dat hij het "zelf" is die zijn eigen 'verlossing' bewerkstelligt. In het boeddhisme verwijst verlossing naar het Nirvana, wat de (mentale) verlossing is van begeertes en verlangens, aversie en haat, en onwetendheid of 'fout begrijpen'.

Het christendom wijst zelfverlossing af maar leert de verlossing van de zonde door het kruisoffer van Jezus Christus.

Zie ook

Agnus Dei

Agnus Dei (Latijn voor Lam Gods) is een uitdrukking die verwijst naar Jezus Christus in zijn rol van de perfecte sacramentele opoffering die de zonden van de mens verzoent in de christelijke theologie.

In Johannes 1:29 en 1:36 wijst Johannes de Doper naar Jezus met de woorden: “Ziet, daar is het Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt". In Openbaring 5:4 e.v. treedt Jezus op in de gedaante van een geslacht lam.

Het offer van een lam en het bloed van het lam zijn in de godsdiensten van het Midden-Oosten een vaker gebruikt beeld. In de protestantse kerken wordt de aan Openbaring 7:13-14 ontleende uitdrukking “gewassen in het bloed van het Lam” wel gebruikt als aanduiding van de verlossing van de door kerken veronderstelde erfzonde.

In de kunst is het Agnus Dei de figuur van een lam dat een kruis draagt, symbool voor Jezus als Lam van God. Deze voorstelling wordt vaak gebruikt in christelijke kunstwerken, waarvan De aanbidding van het Lam Gods in Gent het beroemdste is.

Boeddhisme

Het boeddhisme is een levensbeschouwelijke en religieuze stroming die volgens de overlevering werd gesticht door Gautama Boeddha, de "historische Boeddha", die volgens de overlevering in de 6e en 5e eeuw v.Chr. in het noorden van India leefde. Boeddhisme ontstond uit lokale religieuze tradities, en in interactie met ritualistische en ascetische stromingen binnen het Brahmanisme, een van de voorlopers van het huidige hindoeïsme. Boeddhisten geloven dat men bevrijd kan worden uit de cirkel van wedergeboortes door het volgen van de door de Boeddha onderwezen "middenweg". De belangrijkste aspecten van deze middenweg zijn het uitbannen van alle materiële verlangens, het zich ethisch gedragen, en het ontwikkelen van de geest. Hoewel het in India zelf geleidelijk verdwenen is, heeft het boeddhisme zich over andere delen van Azië verspreid. Het heeft een belangrijke rol gespeeld in de geschiedenis van Zuidoost- en Oost-Azië en op de ontwikkeling van de cultuur en samenleving in die gebieden. Recenter heeft het in het Westen (Europa, Noord-Amerika) aanhang gevonden. Het boeddhisme telt wereldwijd ongeveer 415 miljoen aanhangers.

Boeddhistische stromingen

Het Boeddhisme is ontstaan uit de leer van de Boeddha, en leeft voort in de boeddhistische gemeenschap. Boeddhisten streven naar verlichting, de verlossing van het lijden door het zien van de werkelijkheid zoals ze is: veranderlijk en onbestendig.

De verlossing (film)

De verlossing is een Belgische film uit 2001, geregisseerd en geschreven door Hugo Claus. De film kende zijn wereldpremière op het Nederlands Film Festival op 26 september 2001. Vanaf 14 november 2001 werd hij vertoond in de Belgische bioscopen, en vanaf in 17 januari 2002 in de Nederlandse.

Evangelisch christendom

Het evangelisch christendom is een stroming binnen het orthodox-protestantisme. Het is ontstaan uit de opwekkingsbewegingen binnen het Amerikaanse en Engelse protestantisme in de 18e en 19e eeuw. In de 20e eeuw heeft deze christelijke stroming zich ook over de rest van de wereld verbreid. Deze christenen worden in het Engels 'evangelicals' genoemd, en in het Nederlands spreken we over 'evangelischen', 'evangelische christenen' en ook wel 'evangelicalen'. De evangelischen stellen de persoonlijke ervaring van de verlossing door Jezus Christus centraal. Zij hechten daarnaast groot belang aan evangelisatie.

Genade (christelijk geloof)

Genade is de in het christelijk geloof gebruikte uitdrukking voor Gods welwillende toewending tot de mens, die haar hoogtepunt bereikt in de verlossing door Christus.

In de christelijke theologie is genade een van de eigenschappen van God. Het is een spontane, niet verdiende goddelijke gunst. Christenen verstaan er een vrije gave onder, die de mens absoluut niet verdiend heeft.

Heidelbergse Catechismus

De Heidelberger of Heidelbergse Catechismus is een van de drie geloofsbelijdenissen die samen de "Drie Formulieren van Enigheid" vormen, die in de Nederlandse hervormde en gereformeerde kerken en de dochterkerken hiervan gebruikt worden. De andere belijdenissen zijn de Nederlandse geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels.

Heil

Heil betekent oorspronkelijk geluk en zegen. Het kan ook omschreven worden als redding en verlossing.

De meeste religies beogen het heil van de gelovigen en willen de mens een rijker en dieper leven schenken door hem te verlossen van leed en zonde.

Imam

Imam is een van oorsprong Arabisch woord waarmee een zeker leiderschap wordt aangeduid, voornamelijk binnen de islam. Er bestaan verschillende opvattingen over de rol en betekenis van de imam.

Binnen de grootste stroming in de islam, het soennisme, is de imam een voorganger in het gebed (de salat). Veelal wordt gedacht, dat een imam een speciaal beroep is, of dat hij een specifieke opleiding moet hebben genoten, maar het voorgaan in het gebed is traditioneel het enige criterium om imam te zijn.

Imam moet niet verward worden met Iman, een ander islamitisch begrip, dat geloof betekent, en verwijst naar zowel het verstandelijke als naar het emotionele aspect.

Binnen de sjiitische leer bestaan er slechts twaalf imams, die de geestelijk leiders zijn van heel de moslimgemeenschap. Het verschil met de soennitische leer is dat de imam autoriteit heeft voor tafsir, exegese van de Koran. De alevieten en de meerderheid van de sjiieten geloven dat er 12 imams zijn geweest (net zoals de vorige profeten Mozes en Jezus die hun 12 apostelen gehad zouden hebben) en dat de huidige tijd wel een imam kent maar in occultatie is. De komst van imam al Mahdi (~ de door God geleide) (de imam van deze tijd) is een verlossing. Alleen de isma'iliten kennen ook een imam in de huidige tijd, namelijk de Aga Khan in Frankrijk.

Binnen de sjiitische gemeenschap van Ghana en andere West-Afrikaanse landen zijn tal van imams bekend. Heel populair is wijlen imam Ibrahim Anyass, wiens portret overal in de regio wordt aangetroffen. Maar ook in de - doorgaans armere - islamitische wijken van de steden en in vrijwel alle islamitische dorpen kan men imams aantreffen, personen die, evenals moellahs, hun brood grotendeels verdienen door de Koran uit te leggen en hulp te bieden bij sociale, persoonlijke en medische problemen. Veelal zullen zij enkele toepasselijke citaten uit de Koran met speciale inkt op een houten plankje schrijven, het plankje dan voorzichtig wassen en het waswater met de inkt opvangen in een flesje (tegenwoordig zijn oude colaflesjes hiervoor in zwang). De hulpzoeker wordt dan aangeraden zich met de inhoud van het flesje te wassen. Imams zullen in moskeeën altijd voorgaan in het gebed, ook al zijn er oudere mannen aanwezig. In de regel leiden ze een Koranschooltje voor de kinderen uit de omgeving en niet zelden hebben ze een functie in het reguliere onderwijs.

De term 'imam' verwijst tevens naar het beroep van geestelijk verzorger vanuit de islamitische levensbeschouwing.

Instructie (Vaticaan)

Een Instructie is een document van de Romeinse Curie van administratief karakter. Dergelijk document verandert de wet niet, maar legt die uit en geeft aanwijzingen over de toepassing ervan.

Redemptionis Sacramentum (in het Nederlands : Het Sacrament van de Verlossing) is een voorbeeld van dergelijke instructie en handelt over de eucharistieviering.

Karl Rahner

Fr. Karl Rahner S.J. (Freiburg im Breisgau, 5 maart 1904 – Innsbruck, 30 maart 1984) was een rooms-katholiek theoloog. Zijn theologie beïnvloedde het Tweede Vaticaanse Concilie en was doorslaggevend voor het ontwikkelen van een nieuwe Rooms-Katholieke geloofsopvatting. Ook zijn broer Hugo Rahner was een bekend theoloog.

Mahayana

Mahāyāna (Sanskriet: महायान mahāyāna, mahā, groot, yāna, voertuig of weg) is een van de hoofdstromingen in het boeddhisme. Als duidelijk onderscheiden beweging, nam het mahayana volgens onderzoekers een aanvang rond de eerste eeuw na Chr. in het noordwesten van India. Zij schatten dat de beweging een formatieve periode heeft gekend van zo'n vier eeuwen alvorens het in de tweede eeuw in een hoog ontwikkelde vorm naar China werd overgebracht. Centraal in de mahayana-ideologie is het idee van de Bodhisattva: niet alleen de Boeddha, maar ieder mens kan de staat van Verlichting bereiken.

Volgens Williams (1989) was de ontwikkeling van het mahayana een langzaam, geleidelijk proces. Het mahayana was geen rivaliserende "school" en derhalve ontstond ze niet ten gevolge van een schisma (sanghbheda). Mahayana- en niet-mahayanamonniken konden zonder onenigheid in hetzelfde klooster verblijven, zolang ze dezelfde kloosterregels navolgden. Volgens Ninian Smart (1989) ontstond het mahayana evenwel vanwege de spanning over de vraag of het individu dat zich met behulp van dhyana inspant om tot verlichting te komen, eigenlijk geen zelfzuchtige daad verricht? Met het ideaal van de Bodhisattva, die uit mededogen zijn eigen verlossing uitstelt totdat anderen ook zijn verlost, dacht men deze spanning te kunnen oplossen.

Het mahayana wordt ook wel "het grote voertuig" genoemd, in tegenstelling tot het "kleine voertuig" of theravada. Beide boeddhistische stromingen bestaan naast elkaar maar er zijn ook andere vormen van boeddhisme.

Optimisme

Optimisme (Latijn: optimum, het beste) is van oudsher het geloof in de beste van alle mogelijke werelden te leven. Tegenwoordig gebruikt men dit begrip vaak voor een afgezwakte vorm van optimisme: het geloven in een goede afloop. Optimisten zien elke tegenslag en onheilspellende stand van zaken in het verleden in het licht van deze positieve toekomstverwachting. De aan optimisme tegengestelde wereldbeschouwing is pessimisme.

De meeste religies, in het bijzonder de monotheïstische, zijn door middel van hoop en verlossing nauw verbonden met de idee van leven na de dood, en krijgen daardoor een optimistisch karakter.

In de wereld van de financiële speculatie is een profane vorm van optimisme aan te treffen: Op een aandelenbeurs gokken de handelaars op een stijgende koers.

Paus Felix III (IV)

Felix III (IV), ook wel Felix III of Felix IV (Samnium (Apennijnen), geboortedatum onbekend - sterfplaats onbekend, 22 september 530) was de 54ste paus van de Rooms-Katholieke Kerk. Hij regeerde van 12 juli 526 tot aan zijn dood in 530. Omdat er in 355 een tegenpaus is geweest die de naam Felix II gebruikte, is deze Felix IV in werkelijkheid de derde Felix in de officiële lijn van pausen.

Voor theologen is hij vooral bekend omwille van zijn steun aan bisschop Caesarius van Arles tegen de zogenaamde semi-pelagianen, een groep dissidente christenen die voorhielden dat de eerste stap naar verlossing een vrijwillige keuze is, een daad van menselijke vrijheid dus, en niet de genade, ook al is deze nodig om ook daadwerkelijk verlost te worden. De genadeleer van Felix III (IV), grotendeels ontleend aan Augustinus († 430), werd in juli 529 aanvaard door de zogenaamde Tweede Synode van Orange.

Ook de manier waarop hij afstand deed van zijn pontificaat is opmerkelijk. Toen hij zijn einde voelde naderen, riep hij zijn gehele gevolg rond zijn sterfbed en gaf de opdracht om zijn aartsdiaken Bonifatius tot zijn opvolger aan te stellen. Dat zou hij gedaan hebben uit vrees voor ernstige onenigheid na zijn dood. Hij gaf aan Bonifatius zijn pallium, op voorwaarde dat hij het bij een eventuele genezing zou terugkrijgen. Felix III (IV) had een afschrift van zijn beslissing naar het koninklijk hof te Ravenna gestuurd, maar de senaat gaf een edict uit, waarin discussie over de opvolging van een paus voortaan verboden werd zolang deze nog in leven was, laat staan de aanstelling van zijn opvolger. Na zijn dood leidde dit tot een schisma, waarop Dioscurus tot tegenpaus uitgeroepen werd.

Felix III (IV) heeft twee voorchristelijke tempels laten ombouwen tot basiliek gewijd aan Cosmas en Damianus. Er is van hem een mozaïekportret bewaard, dat beschouwd mag worden als de oudst bewaarde afbeelding van een paus uit zijn eigen tijd. Na zijn dood werd hij bijgezet in het portaal van de Sint-Pietersbasiliek. Hij werd heilig verklaard en zijn feestdag valt op 30 januari.

Redemptoristen

De Congregatie van de Allerheiligste Verlosser (Congregatio Sanctissimi Redemptoris, C.Ss.R.) is een katholieke internationale congregatie van religieuzen, die ook bekendstaat als de redemptoristen. Het devies van de congregatie luidt : Copiosa apud Eum redemptio (Bij Hem is overvloedige verlossing, psalm 130).

De congregatie werd in 1732 gesticht door de heilige Alfonsus-Maria de Liguori (1696-1787) in het toenmalige koninkrijk Napels te Scala bij Napels. Het doel van deze congregatie is evangelisatie onder de meest verlatenen. In 1749 werd de congregatie door de paus exempt verklaard (dat is niet vallend onder de jurisdictie van een bisschop, zoals in het algemeen voor alle clerici geldt). Vooral door toedoen van Clemens Maria Hofbauer (1751–1820) verbreidde de congregatie zich buiten Italië.

In 1971 telde de congregatie ruim 8000 leden, waarvan ongeveer 250 in de toenmalige Nederlandse provincie en ongeveer 450 in de beide toenmalige Belgische provincies. In 2005 telde de congregatie 5500 leden, verspreid over de vijf continenten en 77 landen.

Sinds 2009 is de Canadese pater Michael Brehl de generaal-overste van de redemptoristen.

The Rainbow Trail (1918)

The Rainbow Trail is een Amerikaanse western uit 1918 onder regie van Frank Lloyd. Het scenario is gebaseerd op de gelijknamige roman uit 1915 van de Amerikaanse auteur Zane Grey. Destijds werd de film in Nederland uitgebracht onder de titel Lassiter II, de verlossing uit de vallei.

Vedanta

Vedanta (Sanskriet वेदान्त, vedānta uitgesproken als [/ˈʋeː.dαːn.tə/]?), letterlijk: het eind van de Veda's, het 'wetenseind', is een van de zes belangrijkste orthodoxe of astika scholen van de Indische filosofie. Vedanta pleit voor een terugkeer naar de Upanishads, wat ook de naam verklaart. Naast de Upanishads gelden de Brahmasoetra's en de Bhagavad Gita – alle drie gezamenlijk de Prasthanatrayi genoemd – als de grondslag van vedanta.

Een voorbeeld van de hierbij horende praxis is de jnana yoga. Zoals bij alle Indische filosofieën is het doel gericht op het bereiken van moksa of verlossing uit de cyclus van samsara en het bijbehorende lijden.

Vergeving (christendom)

De vergeving van zonden is het kernpunt van het christendom.

Volgens het christelijk geloof leeft ieder mens sinds de zondeval van nature in zonde, en bestaan er op aarde sindsdien geen louter "goede" mensen, hoewel de katholieken geloven dat Maria, de moeder van Jezus, niet onderhevig was aan de erfzonde, en dus geen zonde heeft gedaan. Aangezien God volgens de Bijbel echter een hekel heeft aan zonde, is er sinds de zondeval volgens de christelijke leer een kloof tussen God en mensen ontstaan. Om weer een goede relatie met God te hebben, heeft een mens daarom vergeving van zijn zonden nodig.

Volgens de Bijbel is de dood de straf die de mens verdient voor haar zonden. Vergeving kan echter plaatsvinden door Gods zoon, Jezus Christus. Overeenkomstig het Oude Testament waarin een lam (of een ander gezond dier) werd geofferd om vergeving voor zonden te krijgen, offerde Jezus zichzelf op. Doordat hij na drie dagen weer verrees uit de dood, was dit het teken dat hij de dood (en dus de straf op de zonde) had overwonnen.

Volgens het Evangelie volgens Johannes, vers 1:29, is Jezus dan ook Het Lam Gods dat de zonde van deze wereld wegdraagt. Deze vergeving wordt niet verdiend door goede daden te doen, maar is het resultaat van genade van God voor iedereen die dit gelooft en ernaar wil leven.

In het Nieuwe Testament wordt onder meer door Jezus Christus herhaaldelijk duidelijk gemaakt dat mensen die vergeving van zonden nodig hebben om weer dicht bij God te komen. Het woord vergeving komt dan ook vele malen in het Nieuwe Testament voor:

Matteüs 26:28: Dit is Mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden.

Lucas 24:47-48: En dat in Zijn naam alle volken opgeroepen zullen worden om tot inkeer te komen, opdat hun zonden worden vergeven. Jullie zullen hiervan getuigenis afleggen, te beginnen in Jeruzalem.

Handelingen van de Apostelen 2:38: Petrus antwoordde: `Keer u af van uw huidige leven en laat u dopen onder aanroeping van Jezus Christus om vergeving te krijgen voor uw zonden. Dan zal de Heilige Geest u geschonken worden.`

Handelingen 10:43: `Van Hem getuigen alle profeten dat iedereen die in Hem gelooft door Zijn naam vergeving van zonden krijgt.`

Handelingen 26:18: `om hun de ogen te openen, zodat ze zich van de duisternis naar het licht keren, en van de macht van satan naar God. Door het geloof in Mij zullen ze vergeving krijgen voor hun zonden, en samen met allen die Mij toebehoren zullen ze deel krijgen aan Mijn koninkrijk.`

Efeziërs 1:7: In Hem zijn wij door Zijn bloed verlost en zijn onze zonden vergeven, dankzij de rijke genade.

Efeziërs 4:32: Wees goed voor elkaar en vol medeleven; vergeef elkaar zoals God u in Christus vergeven heeft.

Kolossenzen 1:14: Die ons de verlossing heeft gebracht, de vergeving van onze zonden.

Johannes 20:22-23: Na deze woorden blies Hij over hen en sprak:"Ontvangt de Heilige Geest. Wier zonden gij vergeeft, hun zijn ze vergeven; wier zonden gij laat behouden, hun zijn ze behouden."In de Rooms-Katholieke Kerk worden doodzonden alleen vergeven in de biecht door een geldig gewijde priester. Men kan vergeving van dagelijkse zonden verkrijgen door een berouw of goede werken te verrichten.

Verlossing (christendom)

Verlossing is in het christendom een fundamenteel begrip. Volgens de christelijke leer zit de mensheid sinds de eerste mensen (Adam en Eva) in het paradijs bewust tegen de wil van God ingingen, gevangen in de macht van de zonde (de erfzonde). Dit wordt de zondeval genoemd die beschreven staat in het Bijbelboek Genesis in het Oude Testament. De band tussen God en mens werd door deze zondeval verbroken. Uit deze ontstane toestand kan de mensheid zich niet op eigen kracht bevrijden. Alleen iemand die zowel God als mens is, kan een verzoening tussen God en mensheid bewerkstelligen. Dit is gebeurd in de zowel goddelijke als menselijke persoon van Jezus Christus die volgens diezelfde leer als Verlosser in de wereld kwam en de schuld voor de zonden van de mensen op zich nam door zijn dood aan het kruis en zijn opstanding uit de dood.

Volgens de woorden van Jezus Christus, opgetekend in het Nieuwe Testament, gaan mensen die zijn verlossing hebben aanvaard (over het algemeen gevolgd door de doop) en hun leven overeenkomstig de leer van Jezus Christus hebben geleid niet 'verloren'; zij worden 'behouden' om in eeuwigheid met God te leven.

Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden. Johannes 3:16,17

In andere talen

This page is based on a Wikipedia article written by authors (here).
Text is available under the CC BY-SA 3.0 license; additional terms may apply.
Images, videos and audio are available under their respective licenses.