Medeklinker

Medeklinkers of consonanten zijn spraakklanken waarvan de uitspraak begint met niet geblokkeerde stemspleet. De spraaklucht gaat al dan niet door de stembanden trillen en moet gehinderd door andere spraakorganen de mond of neus verlaten. Bij de /p/ van aap verzamelt de lucht zich eerst voor de afgesloten lippen, en komt dan met een plofje naar buiten. Bij de /n/ van noot is de mondholte afgesloten en komt de lucht door de neus. Bij de /s/ van sap gaat de tong omhoog naar het verhemelte, waardoor de opening nauwer wordt en er een sisklank ontstaat.

De wijze waarop een medeklinker wordt gearticuleerd kan worden onderverdeeld in: plofklanken, wrijfklanken, neusklanken, vloeiklanken en glijklanken. Veertien van de in het Nederlands voorkomende medeklinkers vallen onder een van deze klanksoorten. Doordat de overige zes medeklinkers veelal voorkomen in woorden die een vreemde taal als herkomst kennen, worden deze medeklinkers tot meerdere klanksoorten gerekend.

De plof- en wrijfklanken worden verder onderverdeeld in stemloze en stemhebbende. Bij een stemloze medeklinker trilt de stemband niet mee, bij een stemhebbende wel. Het verschil is duidelijk hoorbaar tussen /p/ en /b/, /t/ en /d/, /s/ en /z/.

Plofklanken

Het Nederlands heeft vijf plofklanken: /p/ (p van pas), /t/ (t van tas), /k/ (k van kas), /b/ (b van bas) en /d/ (d van das). Deze klanken worden zo genoemd omdat bij het vormen ervan de lucht met een plofje uit de mond komt.

de vijf plofklanken:

stemloos stemhebbend
/p/ /t/ /k/ /b/ /d/
pas tas kas bas das

De stemloze plofklanken /p/ en /t/ hebben respectievelijk de /b/ en de /d/ als stemhebbende tegenhangers. De stemhebbende tegenhanger van de /k/ is /g/ en is bekend in woorden als goal, en in inheemse woorden in combinatie met een andere stemhebbende medeklinker, zoals in bakboord en zakdoek; deze blijft dan echter als k geschreven.

Wrijfklanken

Het Nederlands heeft acht wrijfklanken: /f/ (f van laf) en /v/ (v van val), /s/ (s van las) en /z/ (z van zal), de /x/ (ch van lach), /ɣ/ (g van gal), de /ʃ/ (sj van sjaal) en /ʒ/ (j van journaal). Deze klanken worden zo genoemd omdat bij het vormen ervan een lichte wrijving ontstaat door een vernauwing in de mondholte.

de acht wrijfklanken:

stemloos stemhebbend
/f/ /s/ /x/ /ʃ/ /v/ /z/ /ɣ/ /ʒ/
laf las lach sjaal val zal gal journaal

De stemloze wrijfklanken /f/, /s/, /ʃ/ en /x/ hebben respectievelijk /v/, /z/, /ʒ/ en /ɣ/ als stemhebbende tegenhangers.

Tot de wrijfklanken wordt ook gerekend /ɦ/ (de h van haar). De wrijving is echter zo licht, dat de /ɦ/ ook wel ruisklank wordt genoemd. Deze stemhebbend ruisklank komt in het Nederlands alleen vóór klinkers voor.

Neusklanken

Er zijn in het Nederlands drie neusklanken: /m/ (m van mat), /n/ (n van nat) en /ŋ/ (ng van rang). Deze worden zo genoemd omdat bij het vormen ervan de lucht door de neus naar buiten komt.

de drie neusklanken:

labiaal dentaal gutturaal
/m/ /n/ /ŋ/
man nam rang

Vloeiklanken

Er zijn twee vloeiklanken in het Nederlands: de /l/ van lor en de /r/ van rol. Deze worden zo genoemd omdat bij het vormen ervan de lucht gelijkmatig langs de tong vloeit. Er zijn twee varianten van de r, nl. /r/ (rollende r, waarbij de tongpunt tegen de tanden of daarboven trilt) en de /ʀ/ (brouwende r, waarbij de huig tegen de achterkant van de tong trilt).

de twee vloeiklanken:

/l/ /r/ of /ʀ/
lor rol

Glijklanken

Er zijn in het Nederlands twee glijklanken: /j/ (j van jaar) en /ʋ/ (w van waar).

De twee glijklanken:

/j/ /ʋ/
jaar waar

Affricaten

Het Nederlands kent, voornamelijk in woorden van vreemde herkomst, vier zogenaamde affricaten of gemengde medeklinkers: de /ts/ van tsaar, de /dz/ van pizza, de /tʃ/ van tsjilpen en de /dʒ/ van gin.

de vier affricaten:

/ts/ /dz/ /tʃ/ /dʒ/
tsaar pizza tsjilpen gin

Consonantenreductie

In sommige woorden vallen mettertijd medeklinkers weg. Dit heet consonantenreductie. Een voorbeeld hiervan is de d in veder, teder en weder. Deze is weggevallen zodat de woorden veer, teer en weer ontstonden. Dit verschijnsel komt vaak tot stand als het woorden gemakkelijker uit te spreken maakt en het komt in verschillende taalfamilies voor.

Bronnen, noten en/of referenties
  • De tekst hierboven op deze pagina is gebaseerd op Bijlage 1 van het Spellingbesluit, via de website van de Nederlandse overheid
IPA-medeklinkers
Pulmonische medeklinkers Bilabiaal Lab.-den. Den. Alv. Postalv. Retro. Pala. Velaar Uvulaar Faryn. Epiglottaal Glottaal Niet-pulmonische medeklinkers en andere symbolen
Nasalen m ɱ n ɳ ɲ ŋ ɴ Kliks  ʘ ǀ ǃ ǂ ǁ
Plosieven p b t d ʈ ɖ c ɟ k ɡ q ɢ ʡ ʔ Impl.  ɓ ɗ ʄ ɠ ʛ
Fricatieven  ɸ β f v θ ð s z ʃ ʒ ʂ ʐ ç ʝ x ɣ χ ʁ ħ ʕ ʜ ʢ h ɦ Eject. 
Approximanten  ʋ ɹ ɻ j ɰ Affr.  p̪͡f t͡s d͡z t͡ʃ d͡ʒ t͡ɕ d͡ʑ t͡ʂ d͡ʐ t͡ɬ d͡ɮ
Trils ʙ r ɽ͡r ʀ Andere laterale medeklinkers  ɺ ɫ
Taps en flaps ⱱ̟ ɾ ɽ ɢ̆ ʡ̆ Dubbel geart. fricatieven  ɕ ʑ ɧ
Lat. fricatieven ɬ ɮ ʎ̝̊ ʟ̝̊ Dubbel geart. approximanten  ʍ w ɥ
Lat. approx. l ɭ ʎ ʟ Dubbel geart. plosief  k͡p ɡ͡b ŋ͡m

Deze pagina bevat fonetische informatie in het IPA, die in sommige browsers mogelijk niet correct wordt weergegeven.
Waar symbolen in paren voorkomen, vertegenwoordigt het rechter teken een stemhebbende medeklinker. Gearceerde gebieden bevatten medeklinkers die worden beschouwd als onuitspreekbaar.

Zie ook: IPA, Klinkers

Alveo-palataal

Een palato-alveolaar, palato-alveolair, alveo-palataal of postalveolaar is een medeklinker die wordt gevormd door de punt van de tong ergens tussen het harde verhemelte en een van de tandkassen te plaatsen. Deze klanken worden gevormd door met de tong net de achterkant van de superieure alveolare aan te raken. De tong articuleert hierbij iets verder achter in de mond dan bij een alveolare medeklinker, maar weer minder ver dan bij een palatale medeklinker.

Onder de fricatieven en affricaten komen postalveolaren voor als een subgroep. De meest voorkomende palato-alveolaire klanken zijn de affricaten /tj/, /ts/, /tsj/, /dz/ en /dzj/ en de fricatieven /s/, /sj, /z/ en /zj/. De gebruikelijke symbolen hiervoor zijn terug te vinden in het Internationaal Fonetisch Alfabet.

Alveolaire laterale approximant

De alveolaire laterale approximant is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet en in X-SAMPA wordt aangeduid met l.

Een voorbeeld van de klank is de l in het woord leven.

Alveolaire tril

De alveolaire tril is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet en in X-SAMPA wordt aangeduid met r. De klank wordt soms ook wel rollende R genoemd.

In de meeste Indo-Europese talen is dit geluid allofoon met een alveolaire tap.

Approximant

Een approximant is een medeklinker die kan worden gezien als liggend tussen een klinker en een "typische" medeklinker. Bij het uitspreken van deze klanken produceren de articulatorische organen een vernauwing van het spraakkanaal, maar laten wel genoeg ruimte over om ervoor te zorgen dat er geen hoorbare turbulentie optreedt. Ze zijn daarom meer open dan de wrijfklanken.

Sommige approximanten lijken sterk op klinkers. In dat geval wordt ook wel de term halfklinker gebruikt.

Ejectief

In de fonetiek is een ejectief of uitstotende medeklinker een stemloze medeklinker die wordt gevormd door gelijktijdige sluiting en opening van de mondholte en de glottis.

Ejectieven komen in ongeveer 20% van alle talen in de wereld voor. Het grootste aantal ejectieven bestaat uit plosieven of affricaten. Ze behoren allemaal tot de obstruenten. [K] is de meest voorkomende ejectief.

In het Internationaal Fonetisch Alfabet worden ejectieven aangegeven met het teken van een plosief, waar een apostrof (ʼ) aan toe wordt gevoegd.

Flap (fonetiek)

In fonetiek is een flap of tap een medeklinker, met een klank die wordt geproduceerd door een enkele samenspanning van de spieren waarmee een articulator tegen een andere articulator wordt gegooid.

Een flap vertoont overeenkomsten met een plosief, met als verschil dat er bij een flap geen luchtdruk wordt opgebouwd achter het articulatiepunt, en er dus ook geen uitstoot is van lucht.

Het Internationaal Fonetisch Alfabet onderscheidt de volgende versies van een flap:

Alveolaire tap

Alveolaire laterale flap

Retroflexe flap

Labiodentale flap

Fricatief

Een fricatief of wrijfklank is een medeklinker die geproduceerd wordt met een gedeeltelijke obstructie ergens in het spraakkanaal. De obstructie is van zo'n aard dat er een hoorbare frictie (wrijving) met de uitgaande lucht gecreëerd wordt. De fricatieven behoren tot de ruimere klankencategorieën van obstruenten en continuanten. Fricatieven zijn in het Nederlands altijd orale (en dus geen nasale) klanken.

Glottaal

Een glottaal is een medeklinker die wordt gearticuleerd met de glottis. Meestal worden ze gezien als een overgangsstaat van de glottis, zonder punt van de articulatie zoals bij andere medeklinkers. In talen als het Tsou gedragen glottalen zich wel als typische medeklinkers. In veel dialecten van het Engels worden niet-glottale medeklinkers geglottaliseerd.

Het Internationaal Fonetisch Alfabet kent de volgende versies van een glottaal:

Glottisslag

Stemhebbende glottale fricatief

Stemloze glottale fricatief

Nasale medeklinker

Een nasale medeklinker is in de fonetiek de vorming van een klank met een verlaagde velum in de mond, waardoor lucht tijdens het vormen van de klank ongestoord door de neus kan ontsnappen. De mond functioneert hierbij nog steeds als klankkast voor het geluid, maar de lucht kan niet door de mond ontsnappen daar deze wordt geblokkeerd door de tong.

De meeste nasale klanken zijn sonorant.

Retroflex

Retroflex of cerebraal betekent in de fonetiek de vorming van een klank door de tongpunt verticaal omhoog in contact met het verhemelte te houden (Lat. retro = 'terug', flex = 'buiging'). Afhankelijk van de druk waarmee dit wordt gedaan en van de bijkomende kromming van de tong en van de mate van doorlaten van lucht, zal de geproduceerde klank dan gaan van de getongde nasale /ṭ/ /ṭh/ /ḍ/ /ḍh/ over /ṇ/ /ṛ/ /ṝ/ /ḷ/ /ḹ/ naar /ṣ/. In het Sanskriet wordt retroflex voor een reeks palatale klanken gebruikt die in het Nederlands en in de meeste Indo-Europese talen tamelijk onbekend overkomen of in onbruik zijn geraakt.

Retroflexe approximant

De retroflexe approximant is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet aangeduid wordt met ɻ, en in X-SAMPA met r\`.

Stemhebbende alveolo-palatale fricatief

De stemhebbende alveolo-palatale fricatief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet wordt aangeduid met ʑ, en in X-SAMPA met Z\.

Stemhebbende dentale plosief

De stemhebbende dentale plosief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet aangeduid met [d̪], en in X-SAMPA met d_d

Echte stemhebbende dentale plosieven zijn zeldzaam. In de Romaanse talen wordt /d/ vaak dentaal genoemd, maar deze klank komt meer in de buurt van een alveolaar. De klank komt vooral voor in Indo-Arische talen.

Stemhebbende labiodentale fricatief

De stemhebbende labiodentale fricatief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet en X-SAMPA aangeduid wordt met [v].

De klank komt in Europese talen veel voor, maar daarbuiten een stuk minder. Veel sprekers van Aziatische talen spreken de [v] vaak uit als [b].

Een voorbeeld van de klank is de v in het Nederlandse woord vader.

Stemhebbende postalveolaire fricatief

De stemhebbende postalveolaire fricatief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet aangeduid wordt met [ʒ] en in X-SAMPA met Z. Een voorbeeld van een stemhebbende postalveolaire fricatief is de tweede g in garage.

Stemloze alveolaire laterale fricatief

De stemloze alveolaire laterale fricatief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet wordt aangeduid met ɬ, en in X-SAMPA met K.

De klank komt vooral veel voor in Indianentalen zoals het Navajo. Een van de bekendste westerse talen met de klank is het Welsh.

Stemloze palataal-velaire fricatief

De stemloze palataal-velaire fricatief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet wordt aangeduid met /ɧ/, en in X-SAMPA met x\. De klank, en variaties hierop, komt vooral veel voor in dialecten in Zweden. Alternatieve namen voor de klank zijn: stemloze dorso-palatale velaire fricatief, stemloze postalveolaire en velaire fricatief, of stemloze dubbel gearticuleerde velar en palatoalveolaire fricatief en de sje-klank.

Velaar

Velaar of velair is in de fonetiek de naam voor elke spraakklank die wordt geproduceerd door met de achterkant van de tong het zachte verhemelte (Latijn: velum) te naderen of aan te raken. Afhankelijk van de druk waarmee dit wordt gedaan, de bijkomende kromming van de tong en de mate waarin lucht wordt doorgelaten, zal de geproduceerde klank het vaakst een medeklinker zijn die gaat van een /ng/, /g/ (zacht of hard) over naar /gh/, /h/, /ch/ (zoals in loch), /kh/ en ten slotte /k/. Een velare klank kan echter ook een klinker zijn, zoals /u/ of de /a/ van het Franse bas.

Wanneer de articulatie van een spraakklank van een plaats elders in het spraakkanaal verschuift in de richting van het zachte verhemelte, heet dit velarisatie.

Velaire ejectief

De velaire ejectief is een medeklinker die in het Internationaal Fonetisch Alfabet aangeduid wordt met kʼ, en in X-SAMPA met k_>.

De klank komt onder andere voor in het Abchazisch en het Hausa

In andere talen

This page is based on a Wikipedia article written by authors (here).
Text is available under the CC BY-SA 3.0 license; additional terms may apply.
Images, videos and audio are available under their respective licenses.